Speech Mobil Art 2006 in KKK

KKK Mobil Art : zaterdag 28 oktober 2006

Dames en heren,

Inmiddels 10 jaar is het dat de Kortenbergse KunstKabinetten een plaats hebben gevonden. Een traditie. Velen hebben ze al bezocht als toeschouwer. De kracht van dit initiatief ligt in de vele aspecten die eraan verbonden zijn. Ik noem er een paar.

Kunst is niet iets wat alleen in musea werkt. In tegendeel zelfs. Kunst hoort niet in een gesloten, afgesloten en kunstmatig milieu maar temidden van de dingen. Temidden van het ‘gewone’ leven. In het Duitse Kassel zag ik ooit stoelen in hoge bomen hangen. In het Westvlaamse Watou worden gedichten door onzichtbare stemmen gelezen in oude boerderijen met het vlakke Vlaamse land in de achtergrond.

Het wonder herkennen in het alledaagse. Het ‘opnieuw’ zien. Kijken naar wat we vergeten waren. De kunstenaar leert ons opnieuw te kijken. Beter te kijken. En zie, dan zien we dansende paddestoelen, dan zien we een flikkering van licht en lucht, weerspiegeld in panelen, dan zien we apen, slingerend in de bomen die wij waren voorbij gelopen. We zien carwashpoppen die dansen midden op een anders zo ernstig plein, we zien kussende bomen bewegen in de wind. Zijn het kussen die wij vergaten te geven ?

Vooral in deze editie zien we de wereld bewegen. ‘Mobil Art’. De kunstenaar heeft de dingen uit hun slaap gewekt. Hij is een tovenaar die verder gezien heeft dan wij. Hij heeft gecreëerd en hertekend.

En tevens is dit werk een uitnodiging. Het is een vraag aan de kijker en voorbijganger om mee te denken, mee te spelen. Vaak is het werk als kleurrijk speelgoed voor een kind. Je mag het aanraken, ermee rondlopen. Of het werk zet onze fantasie aan het werk. We halen onze potloden boven en beginnen bij te kleuren omdat het plastisch werk dat we zien ons inspireert. We worden zelf kunstenaar. Gewoon door hier rond te lopen en mee te denken over wat we zien.

Het feit dat kinderen hier rustig mee kunnen stappen. En genieten van wat er te zien is. Dat betekent dat kunst in de opvatting van de Kortenbergse KunstKabinetten geen dode materie is maar een levend, bewegend onderdeel van het leven zelf. En inderdaad kinderen kijken dikwijls anders. Zien andere dingen. Details. Net zoals kunstenaars. Hopelijk kunnen we er iets van leren …

Tot slot misschien iets zeggen over de ‘beweging’. Ernstige kunst moest eeuwenlang statisch en tijdloos zijn. Kunst wou de tijd overwinnen en eeuwig zijn. Denken we aan beelden van Grieken en Romeinen. Aan Middeleeuwse schilders. Zij leggen vast. Zo is de werkelijkheid. Zo en niet anders.

Vandaag heeft kunst die betekenis niet langer. Stilstaand leven bestaat niet langer. Alles draait. Evolueert. Alles rondom ons verandert en wij draaien mee.

Dingen die bewegen zijn als symbolen voor die verandering en zetten zich af tegen al wat inertie en angst is. Beweging is daarom altijd vrolijk. Het verwijst naar ‘gelukkig zijn’, naar ‘verder gaan’, niet somber bij de pakken blijven zitten. Het is een oproep. Beweeg. Leef.

En inderdaad deze werken stralen vaak iets van geluk uit. Probleemloos genieten. Lachen. Schuim-WC’s, rollende in stukjes gezaagde hondjes. Happy Art. Mobil Art als Happy Art. blijgemutst over je levensvreugde zingen. Geen toeval wellicht dat zij voor de muziek zorgen op deze opening. ‘Music is motion’.

Wie kan bewegen is geneigd contact te leggen, leeft met anderen, doorbreekt zijn isolement en kan letterlijk ‘iets doen’. Je mag participeren. Je mag reageren. Je hoeft je niet te laten plat drukken door een ‘eeuwig en tijdloos kunstwerk’ dat ver van je af staat.

In deze tentoonstelling kan je ‘rond lopen’, je mag lachen, je mag jezelf zijn en hoeft niet op je tellen te letten. Je mag vrij. Vrij. Reageren.

En toch betekent dit niet dat deze werken alleen maar vluchtig willen zijn. Goed voor één moment. Voor één ogenblik verstrooiing van de toevallige voorbijganger. Het is duidelijk dat het betere werk nog altijd dat ‘meer’ zoekt. Dat het ons raakt. Dat het bijblijft. Langer dan dat moment. Langer dan die ene middag toen we gingen kijken. Dat het ‘later’ terugkeert. Als een herinnering. Dat we terug denken aan dat ene schilderij met die half zichtbare man of aan die stoelen die in de bomen hingen of …aan wat het ook mogen zijn.

Kunst vandaag combineert. Zowel de beweging, het interactieve spel met kijker en voorbijganger, de haast anekdotische toevalligheid van het kunstwerk met de diepere lagen die het aanroert, die het even zichtbaar maakt in de hoop dat de kijker/voorbijganger er zelf iets mee zal en wil doen. Dat die kijker zelf ontwerper en kunstenaar wordt. Dat die het werk op zijn netvlies mee naar huis neemt. Er anders gaat door denken misschien. Wie weet. Dat die er een heel klein beetje een ander mens van wordt. Misschien …